Fanatiek,
Meelevend,
Positief.

Dennis Kremer

al vanaf zijn zesde supporter

‘Mister Positivo’

Dennis Kremer

Dennis Kremer was zes jaar toen zijn vader hem voor het eerst meenam naar een wedstrijd van Heracles, in 1992, tegen Emmen. ‘Mijn vader was een enorm fanatieke supporter, net als mijn opa. Hij kon zich niet stilhouden tijdens de wedstrijd. Dat heb ik ook, ik herken me in zijn fanatisme. Ik leef mee, ga de hele tijd tekeer. Schreeuwen, zingen, aanmoedigen, juichen, je frustratie uiten… dat gaat aan een stuk door, 90 minuten lang. Mijn moeder ging een keer mee naar een wedstrijd. Die keek d’r ogen uit, ze vond mij een heel ander mens op de tribune dan thuis, want normaal ben ik vrij rustig. ’

Jörns, Verbeek, Sluijter

Al gauw bezat Dennis een seizoenskaart en ging hij elke thuiswedstrijd met zijn vader en broer mee. Na school ging hij als het maar even kon naar de trainingen, die vaak op het terrein van ON werden gehouden. Hij haalde de ballen op en hielp mee de pionnen op te zetten. Met sommige spelers kreeg hij een speciale band, zoals met Danny Jörns. ‘Hij was mijn eerste grote jeugdheld. Als de training was afgelopen, riep hij “taxi”. Dan sprong hij bij mij achterop de fiets en reed ik hem terug naar de kleedkamers bij Heracles.’

Bij trainingspartijtjes mocht hij wel eens als grensrechter optreden. ‘Ze gaven me het idee alsof ik trainingsassistent was. Verbeek had eens een besloten training belegd voor een wedstrijd in de nacompetitie. Niemand mocht er bij zijn. Verbeek zag mij voor de poort staan, hij liet me naar binnen en zei, “Dennis, kom maar naast me in de dug-out zitten, dan sturen ze je niet weg”. Wat voelde ik me trots.’

Natuurlijk kreeg hij geregeld wat spullen van spelers, sokken, een shirt, dat soort dingen, want Dennis verzamelde toen alles wat met Heracles te maken had. Ook met Thijs Sluijter had hij een bijzondere band. Hij spreekt hem nog geregeld, zoals laatst bij de afscheidswedstrijd voor Quansah en Pasveer.

ON

Zelf heeft Dennis ook gevoetbald, hij haalde als rechtsbuiten de A1 van ON. Zijn vader ging altijd overal mee naartoe. ‘Iedereen wilde graag bij hem in de auto zitten, want er werd onderweg enthousiast over voetbal gepraat.’

Na onenigheid met een trainer ging hij in een lager elftal spelen. ‘Een leuk team, we wonnen alle wedstrijden. In de laatste wedstrijd konden we de 200e goal maken. Mijn vader was grensrechter, ik zie hem nog de bosjes in vliegen om de bal snel op te halen, zodat we vlak voor tijd die 200e goal nog konden maken.’ Door een slepende enkelblessure besloot hij een punt achter de actieve voetballerij te zetten.

Fanatiek, maar niet agressief

Zijn vader overleed in 2008. Dennis had vele jaren naast hem op de tribune gezeten, maar was al daarvoor verhuisd naar het vak met de fanatieke aanhang. Hij draagt altijd een zwart-wit shirt, weer of geen weer.

Hij is fanatiek, maar, zo benadrukt hij, niet agressief. ‘Dat is heel wat anders. Mensen verwarren fanatieke supporters nog wel eens met hooligans. Kijk, ik sla ook wel eens uit frustratie met mijn vuist ergens tegenaan, maar dat doe ik niet om iets kapot te maken. Met agressie heb ik niks. Ik sta achter mijn club, dus leef ik mee. Over en weer zingen, reageren op elkaar, dat vind ik mooi. Maar met elkaar op de vuist gaan, never. Ik zou best met jongens van de tegenpartij na afloop een pilsje kunnen drinken. Jammer dat dat niet kan.’

Altijd je club blijven ondersteunen

Dennis stoort zich wel eens aan het negativisme onder supporters. ‘De mensen in Almelo zijn soms snel negatief. Als iemand een paar keer slecht speelt, gaan ze hem al gauw afkraken. Maar daar wordt een speler echt niet beter van. Als het twee wedstrijden slecht gaat, dan deugt er helemaal niks meer, maar als ze dan de volgende keer winnen is het een en al hosanna. Kritisch zijn mag, dat ben ik zelf ook. Maar ik bekijk het altijd positief. Ze zeggen wel eens “oh daar heb je hem weer, mister positivo”, maar ik vind dat je altijd positief moet blijven en je club altijd moet blijven ondersteunen.’

Ambities

Ook Dennis constateert dat de beleving op de tribunes de laatste jaren wat minder uitbundig is dan in de beginjaren in de eredivisie. ‘Het verwachtingspatroon is omhoog gegaan. Logisch. Daarom is het goed dat Heracles ambities heeft. Een vernieuwd stadion hoort daar ook bij. Dat is belangrijk om extra mensen te trekken en de beleving weer een impuls te geven. Heracles moet groeien, zodat de club in de toekomst eens in de drie, vier jaar meedoet voor Europeesvoetbal. Groter dan 13 tot 15 duizend toeschouwers hoeft niet. Op die schaal kunnen gezelligheid en fanatisme heel goed samengaan en behoud je de sfeer en het karakter van de club.’

Andere verhalen

Kennis vergaren,
kennis interpreteren,
kennis toepassen.

Lees meer

Frens-van-der-Veen

Techniek,
Creativiteit,
Innovatie.

Lees meer

Oog voor talent,
coachend vermogen,
toewijding.

Lees meer

Samen een doel,
Samen zingen,
Samen uit je dak.

Lees meer

Liefde,
Vertrouwen,
Euforie.

Lees meer

Meeleven,
relativeren,
trouw blijven.

Lees meer

Fanatiek,
Meelevend,
Positief.

Lees meer

Snelheid,
leergierigheid,
de wil om te winnen.

Lees meer

Everton Ramos da Silva

effectiviteit,
innemendheid,
scorend vermogen.

Lees meer

Wilmar Nieuwenhuis

Bewondering,
Respect,
Ambitie.

Lees meer

Techniek,
Plezier,
Trots.

Lees meer

Hendrie-Kruzen

Talenten ontdekken,
talenten de ruimte geven,
talenten laten groeien.

Lees meer