Clubtopscorer eredivisie aller tijden
Nederland leek hem een prima plek om naartoe te gaan. Stiekem hoopte hij het voorbeeld van andere Brazilianen te volgen: zich in de kijker spelen en dan na een seizoen of twee een stap hogerop maken, naar een grotere club. Maar die stap kwam er niet. Everton bleef zeven seizoenen lang bij Heracles Almelo voetballen.
Maar hij onderscheidde zich wel. Van meet af aan etaleerde hij zijn trefzekerheid. Op zaterdagavond 6 maart 2010 tekent hij thuis tegen Willem II zijn 31e goal aan, een evenaring van het record als clubtopscorer in de eredivisie, dat sinds de jaren 60 op naam stond van Isie Greving. Een week later heeft hij dat record alleen in handen als hij tegen in De Kuip tegen Feyenoord de gelijkmaker aantekent. Uiteindelijk komt hij tot 70 goals in 218 competitieduels. In de beker blijft de teller staan op 15 goals in 20 duels.
Opvallend: van die 70 eredivisiegoals maakt hij er liefst 18 met zijn hoofd. Hij beschikt dan ook over een geweldige sprongkracht en een goed gevoel voor positie kiezen. Als hij gescoord heeft klinkt in het stadion Brasiiiiiiil. Het publiek zingt mee en Everton zet een parmantig dansje in, de laatste paar jaar vaak samen met Samuel Armenteros.
De supporters houden van Everton. Dat hij soms lange tijd in een wedstrijd onzichtbaar is, wordt hem vergeven. Dat is wel meer spitsen eigen. Plotseling kan hij dan als een duveltje uit een doosje opduiken om een belangrijke goal te maken. Bovendien werkt hij altijd hard. Sterallures zijn hem vreemd, hij is makkelijk benaderbaar. Hij voelt zich thuis in Twente, woont met zijn gezin aan de rand van Ootmarsum en geniet van de landelijke rust die in schril contrast staat met de hektiek van zijn geboorteplaats.
In 2013 verruilt hij het Twentse landschap voor het woestijnzand van Saudie Arabië, waar hij voor drie jaar naar Al Nassr gaat. Dankzij de sociale media vernemen we echter nog geregeld van de eerste Braziliaan in Almelose dienst.