Verdediger DOS ’37 8
Sinds afgelopen seizoen speelt Maarten Warmink (22) in het achtste van DOS ’37. Een paar kameraden hadden hem gevraagd of hij er bij wilde komen. Hij was er net een jaar uit geweest omdat voetballen op zaterdagmiddag en twee keer trainen doordeweeks lastig te combineren viel met zijn werktijden als badmeester in De Kolk in Wierden.
Daarvoor had hij een jaar in het tweede gespeeld. Vanaf zijn zesde had hij zo’n beetje alle elftallen doorlopen, van de F’jes tot en met de A-jeugd. Begonnen als aanvaller, eerst in de spits, later op linksbuiten, was hij in de A-1 in de achterste linie terechtgekomen. ‘Ik ben een simpele voetballer. Trucjes en mooie hakballetjes moet je van mij niet verwachten. Ik houd er ook niet van als iemand bij Heracles aan gallery play gaat doen. Daar erger ik me aan, er moet gebikkeld worden, met ‘t mes tussen de tanden. Ik ben zelf ook wel iemand die er af en toe invliegt en de beuk erin gooit als het nodig is. In het tweede ging het er natuurlijk fanatieker aan toe, daar draait het om de prestatie. In het achtste gaat het meer om de gezelligheid. Je hoeft ook maar één keer in de week te trainen. En als verdediger hoef ik niet te veel te lopen en heb ik het spel lekker voor me.’
In 2003 ging hij met een vriendje dat lid was van de Kidsclub voor het eerst naar een wedstrijd van Heracles, in de Eerste Divisie, tegen Veendam. Toen hij in 2009 zijn VMBO-diploma op zak had en wat ging verdienen, schafte hij zijn eerste seizoenskaart aan. Sinds vorig jaar november zit hij in het bestuur van de Black & White Army (BWA), de Vriezenveense supportersvereniging van Heracles. De jongens van BWA staan meestal samen boven in Q, het vak van de fanatieke aanhang. Ze maken spandoeken, organiseren busreizen naar uitwedstrijden als die buiten de actie Samen Thuis Samen Uit vallen, houden in de zomer altijd een grote barbeque en ze vergaderen in de ‘duivenkeet’, de kantine van de duivenvereniging waarvan een ander bestuurslid eveneens deel uitmaakt. Ook hier staat gezelligheid voorop. ‘Bij elkaar komen, wat ouwehoren, een pilsje drinken, da’s gewoon leuk.’ BWA wil graag groeien. ‘Wij hebben nu zo’n 50 leden, maar dat moeten er meer kunnen worden. Er zijn toch zo’n 500 man uit Vriezenveen die een seizoenkaart bij Heracles hebben, dus waar zitten die andere 450?’
Bij BWA zitten zowel jongens van DOS ’37 als van DETO, de twee voetbalclubs van Vriezenveen en grote rivalen van elkaar. ‘Bij BWA gaat dat prima samen, iedereen kan goed met mekaar. Die rivaliteit leeft volgens mij ook meer bij de oudere generaties dan bij de jongere. Bij die ouderen zit nog oud zeer. Ik weet nog wel dat toen ik mij voorstelde aan de opa van mijn vriendin en hem een hand gaf, hij zei “Ik kan an oe hand wa voel’n daj van DOS bint.” Maar toen DOS laatst kampioen was geworden van de Eerste Klasse heeft ie me wel gefeliciteerd.’